Zinnen bouwen

Zinnen met twee werkwoorden

Wat leer je hier?

Je gebruikt bekende werkwoorden en constructies samen. Schrijf steeds de volledige zin. In A benoem je bovendien de twee werkwoordrollen in de beginzin. Een persoonsvorm sluit aan bij het onderwerp; de infinitief die erbij hoort blijft onvervoegd. Dat patroon gebruik je hier bij pouvoir, devoir, vouloir, aimer, aller en venir de. Het geldt niet als algemene regel voor iedere combinatie van twee werkwoorden: hulpwerkwoord plus participe passé hoort bij een ander patroon.

Dit helpt vooraf

Dit helpt vooraf

Basis: Een eenvoudige zin bouwen en de bekende présentvormen. Pouvoir/vouloir: Pouvoir en vouloir; devoir: Voir, devoir, mettre en lire; aimer: Regelmatige werkwoorden op -er; futur proche: Futur proche: wat gaat er gebeuren?; passé récent: Passé récent: wat is net gebeurd?; ontkenning: Niet: ne…pas. Bied een opgave pas na haar voorkennis aan. Deze bank leert geen nieuwe vervoegingsrijen. De constructie aimer + infinitief staat in de syntaxeleerlijn; C past de bekende aimer-vormen toe op een handeling in plaats van op een naamwoord.

Uitleg

Voorkennis en aanpak

Basis: Een eenvoudige zin bouwen en de bekende présentvormen. Pouvoir/vouloir: Pouvoir en vouloir; devoir: Voir, devoir, mettre en lire; aimer: Regelmatige werkwoorden op -er; futur proche: Futur proche: wat gaat er gebeuren?; passé récent: Passé récent: wat is net gebeurd?; ontkenning: Niet: ne…pas. Bied een opgave pas na haar voorkennis aan. Deze bank leert geen nieuwe vervoegingsrijen. De constructie aimer + infinitief staat in de syntaxeleerlijn; C past de bekende aimer-vormen toe op een handeling in plaats van op een naamwoord.

Oefenvolgorde: A → C → B → D. Na analyse en gerichte toepassing volgt gemengde bouw; volledige foutdiagnose komt als laatste.

In B wisselen de betekenissen: willen, zonet gedaan hebben, moeten en gaan doen. Gebruik de bij de boodschap passende geleerde constructie en voeg de nodige woorden toe. Begin met het gegeven onderwerp en zet een gegeven tijd- of plaatsgroep achteraan. In C is aimer opgegeven; die twee taken tellen niet als vrije constructiekeuze.

Woordensteun mag zichtbaar blijven. Gebruik je een regel- of vervoegkaart, dan is de poging ondersteund. Antwoorden en feedback verschijnen pas na je poging. Er worden hier geen wederkerende infinitiefconstructies gevraagd.

Wat kun je hier oefenen?

  • Welke werkwoordvorm verandert mee?
  • Een handeling graag of niet graag doen
  • Kies en bouw de bedoelde constructie
  • Herstel de volledige constructie

Verder kijken

Bekijk de andere onderwerpen in deze categorie