Vragen en ontkennen
Vragen maken: intonatie en est-ce que
Wat leer je hier?
een mededeling in een vraag omzetten
Uitleg
Korte uitleg
Bij een intonatievraag behoud je de woordvolgorde en voeg je een vraagteken toe. Bij de neutrale ja/nee-vragen die we hier oefenen, stijgt de intonatie doorgaans aan het einde; de spreekcontext kan de intonatie beïnvloeden.
Bij de andere vorm plaats je est-ce que vóór de volledige mededelende zin. Voor een klinker of een doffe h gebruik je est-ce qu’. Hélène begint met een doffe h. De woordvolgorde na deze woorden blijft onderwerp + werkwoord + rest van de zin.
De werkwoordsvormen en woordgroepen zijn gegeven. Reeks A oefent de vormkeuze, B intonatie en C het maken van een est-ce que-vraag. De modelantwoorden zijn voor de correctie.
Wat kun je hier oefenen?
- Kies est-ce que of est-ce qu’
- Maak een vraag met intonatie
- Maak een vraag met est-ce que
Oefenen